Sunday, November 30, 2014

Abraham Kuyper en Democratie in Amerika

Wie kent niet de naam van Alexis de Tocqueville als het over het Amerikaanse 'experiment' in democratie gaat? In zijn lezing 'Het Calvinisme, oorsprong & waarborg onzer constitutionele vrijheden' uit 1873 maakt Abraham Kuyper duidelijk hoe fundamenteel die negentiende eeuwse Amerikaanse geschiedenis in zijn denken was. Daarbij geïnspireerd door het uit 1835 daterende boek 'la démocratie Americaine' van de Tocqueville.

Herman Bavinck parafraseert de titel van die lezing uit 1873 in zijn Gereformeerde Dogmatiek aldus: 'De Klaarblijkelijkheid van de Schrift is oorsprong en waarborg van onze politieke en religieuze vrijheden'. Dat we de hoofdrol van deze stelling in de Gereformeerde politiek en theologie moeilijk kunnen overschatten blijkt uit het feit dat Klaas Schilder in 1934 de Klaarblijkelijkheid van de Schrift als hart van de afscheiding van 1834 aanwijst. Dat J.C. Baak het in 1945 nodig vindt om, met instemmend voorwoord van Herman Dooyeweerd, een artikel te wijden aan het onderuithalen van de door Abraham Kuyper aangehangen stelling, bewijst voldoende dat we hier niet te maken hebben met een onbelangrijke voetnoot uit de Gereformeerde politieke en theologische geschiedenis.

Hoe paradoxaal is het dan dat de Amerikaanse schrijvers en denkers die zo bepalend zijn geweest in die Amerikaanse geschiedenis voor de meeste mensen volkomen onbekend zijn gebleven. De Tocqueville en inmiddels ook Kuyper zelf genieten in Amerika meer bekendheid dan de Amerikaanse thoughtleaders die die geschiedenis zelf vormden.

Historicus John Fea hield onlangs een lezing over de vergeten hoofdrol van Presbyterianen in de Amerikaanse revolutie.  Een verslag van die conferentie vind je hier. Randy Barnett, hoogleraar aan de rechtenfaculteit van Georgetown schreef in 2013 een helder verhaal over de constitutional abolitionists, de vergeten hoofdrolspelers in de strijd voor de afschaffing van de slavernij die uiteindelijk leidde tot de verkiezing van Abraham Lincoln in 1860. Twee voorbeelden die de stelling van Abraham Kuyper uit 1873 ondersteunen.

Je kunt een parketvloer leggen met de biografiëen over Thomas Jefferson, John Adams, Abraham Kuyper, Jonathan Edwards en George Whitefield, maar waar zijn de studies naar het werk en leven van hoofdrolspelers als John Mitchell Mason, Elias Boudinot, John Jay, William Jay, Robert Hamilton Bishop, John Finley Crowe, James Blythe, Erasmus Darwin Mac Master, Jonathan Blanchard, Samuel Schmucker, Benjamin Parham Aydelott en Chief Justice Salmon P. Chase?

Zou je de stelling kunnen verdedigen dat Abraham Kuyper, net als de dochter van één van de oprichters van de Republikeinse partij in Illinois (Jane Addams), juist worstelde met de erfenis van de constitutional abolitionists? De vraag die Jane Addams zich stelde 'how do we nurture and sustain our democratic birthright so that we... can pass it on?' illustreert in ieder geval hoe zij worstelt met Lincoln's erfenis.

Schaeffer's L'abri, vaak in verband gebracht met het Kuyperiaanse denken van Dooyeweerd, zou met netzoveel recht in rechtstreeks verband gebracht kunnen worden met de vraagstelling van Jane Addams. De naam L'Abri is in ieder geval rechtstreeks terug te voeren op Hull House in Chicago. De titel van het artikel 'Jane Addams: A Pilgrim's Progress' heeft veel weg van Herman Bavinck's 'Grace restores Nature' motief. Je zou kunnen zeggen dat het spanningsveld tussen realisme en idealisme niet specifieke een karaktertrek van het neocalvinisme is. Er is verwantschap tussen de manier waarop Abraham Lincoln zijn coalitie smeedde en de aanpak van Kuyper, Bavinck en Jane Addams. De stelling dat Abraham Kuyper slechts een vorm van idealisme promote, lijkt mij daarom onjuist. De manier waarop Abraham Lincoln het Duitse idealisme gebruikte, sommigen kunnen dat nog steeds niet waarderen, doet denken aan Abraham Kuyper. Lincoln's temperance address uit 1842 lijkt bijna een toepassing van Bavinck's 'grace restores nature' motief. Lincoln's onverwachte invalshoek uit die speech zorgt ervoor dat hij in staat was aansluiting te vinden bij de gematigde kiezer in Kentucky, vertegenwoordigd door Robert Breckenridge, the temporary chair of the 1864 Republican National Convention, en de bekende presbyteriaanse theoloog Charles Hodge. Lincoln's bekende woorden 'I hope to have God on my side, but I must have Kentucky.' staan symbool voor die strategie. Tegelijkertijd passen ze prima bij de visie zoals verwoord door Reverend Benjamin Parham Aydelott in een verwijzing naar de Apostel Paulus: 'quit yourselves like men, be strong' en zijn ze te vergelijken met het begrip discipelschap in Mark zoals uitgelegd door Hans Bayer, of zoals hij het samenvat:
'the account of Acts is intended to give a description of external and internal growth, despite external opposition and internal tension'.
Of zoals Benjamin Parham Aydelott de strijd tegen Puseyisme en slavernij in de context van discipelschap plaatst in verwijzing naar Paulus onderweg naar Rome:
'And yet there is such a thing as a manly spirit, a spirit which, recognizing equally in one's self, as in all others, the great attributes of a common human nature, refuses to bow down in abject servility to any; and dares to attempt anything to which Providence calls, whatever difficulties may lie in the way.'
Al met al genoeg aanknopingspunten om de stelling van Abraham Kuyper te toetsen aan wat er zich nu werkelijk in de Amerikaanse geschiedenis heeft afgespeeld. Het is daarvoor vandaag echt niet nodig om blind te varen op enkele observaties van Alexis de Tocqueville.

No comments: