Wednesday, March 28, 2012

Antheunis Janse Completeert Puzzel

Antheunis Janse, een leraar die het aan de stok kreeg met professoren aan de Vrije Universiteit over filosofische grondprincipes, en daarbij bijval kreeg van Klaas Schilder. Centraal stond daarin A. Janse's waarschuwing om het Bijbelse spreken over de levende God niet te laten overwoekeren door dogmatische systematisering. Predikanten als B. Holwerda, H.J. Jager, C. Veenhof, G. Visee en C. Vonk, ervoeren Janse's heroriëntatie als een reformatie. Henk de Jong schrijft daarover:
"Veenhof was iemand die de kunst verstond anderen te bewonderen. Dat is een prachtige eigenschap die wijst op een nederig karakter. Maar jammer was dat het soms wel eens doorsloeg in verering. Veenhof is in zijn leven te hard met Schilder weggelopen. En met A. Janse. Het eerste wordt algemeen wel gezien, het tweede minder."
 Bestudering van Antheunis Janse's relatie met de Reformatorische Wijsbegeerte geeft veel informatie over de vernieuwingsbeweging binnen de gereformeerde kerken tussen de twee wereld oorlogen. Het wordt duidelijk dat Dooyeweerd vooral bezig was met het veiligstellen van zijn eigen positie. Janse's artikelen leidden bijvoorbeeld tot onderzoek tegen professor Volenhove aan de Vrije Universiteit. Ook Dooyeweerd werd in dat onderzoek betrokken, maar kon zich op tijd van Janse distantieren. Dit bevestigt mijn steeds sterker wordende overtuiging dat de Reformatorische Wijsbegeerte, netzo als van Til in de VS, uiteindelijk de VU status quo vertegenwoordigden. Murk A.J. Popma's legt mijn inziens helder en duidelijk uit waar de Wijsbegeerte der Wetsidee vandaan komt en waar ze toe dient in "lyrische logica van Herman Dooyeweerd" :
"de gereformeerde zuil tussen de beide wereldoorlogen had een eigen filosofie nodig. Welnu - Dooyeweerd verstrekte die, wel wetend dat die maar tijdelijk zou kunnen functioneren. Hij bracht het met grandeur."
Zoals de Amerikaanse denktanks die ofwel de democraten ofwel de republikeinen steunen, zo had Dooyeweerd en zijn WdW tot doel de machtsbasis van de ARP te verstevigen. Die rol vervult de Reformatorische wijsbegeerte nog steeds.

Dooyeweerd’s visie op de Schriften was afgeleid van de la Saussaye!! Een ethisch theoloog die Kierkegaard omarmde. Schilder's proefschrift gaat in op de Kierkegaardse "paradox", waarbij hij ongetwijfeld Chantepie de la Saussaye in het vizier had. Buswell had het goed gezien toen hij schreef:
"The notion that human reason is not autonomous, in the sense that God has created it so, is, in this little book from Amsterdam, quite suggestive of a basically pantheistic attitude. .                                          
With the background of Hodge and Warfield on this side of the Atlantic, we have learned much from Abraham Kuyper and Bavinck, the great Calvinists of your noble tradition. We prefer their straight-forward appeal to objective facts in the created world, and we regret that some of you younger scholars who have inherited great things from them, have failed to build upon the four-square foundations of their rugged, consecrated scholarship."
Buswell heeft precies het punt te pakken waar Dooyeweerd zichzelf en zijn discipelen al vroeg op een dwaalspoor zette:
“When I later get the chance to seriously concern myself with this field, then I know one thing for sure–that I will be against the scholastic school of thought.”
Uit dat laatste interview met Dooyeweerd blijkt ook dat hij 'soevereiniteit in eigen kring' vooral gebruikt als wapen om de (conservatieve) politieke visies die binnen de Anti Revolutionaire Partij leven te verdedigen. In zijn korte bespreking van Dooyeweerd's Wijsbegeerte der Wetsidee laat J. Oliver Buswell daarvan geen spaan heel en constateert dat het op drijfzand gebouwd is. Schilder voelde zich verbonden met Dooyeweerd, schrijft van der Hoeven (blz 88 ontmoetingen met Schilder), maar voegt daar aan toe:
"Deze aansluiting bij Dooyeweerd en Vollenhoven mag ten dele verantwoord heten."
En ook op bladzijde 91:
"Tot een grondige en systematische bezinning op de onderlinge verhouding van theologie en wijsbegeerte is hij overigens nooit gekomen. Dit heeft hem parten gespeeld in zijn latere verhouding tot de toen ontwikkelde "wijsbegeerte der wetsidee"
Paradoxaal. Lijkt me toch een voor de hand liggend probleem. De aantrekkingskracht van Dooyeweerd en Vollenhoven op mensen als C. Veenhof doet mij sterk denken aan de populariteit van Francis Schaeffer in de jaren zeventig. Hoe onvolmaakt ook, Volenhoven en Dooyeweerd boden een opening vanuit het gesloten Kuyperiaanse bolwerk. Schaeffer borduurde hier op voort. Een opmerking van Rookmaker bevestigt deze lezing van de aantrekkingskracht van Dooyeweerd:
"It was in 1948 that I met Schaeffer .... I was a bit dissatisfied with Dutch Christianity, which I felt was in some cases below what it should be, particularly on the level of personal faith and way of walking with the Lord. On the other hand, I feel that Anglo-Saxon Christianity really lacks the intellectual insight we have developed in Holland. In a way, what Dr. Schaeffer and I have tried to do is to fuse the two things, to make them into something new"
Schilder's Heidelbergsche Catechismus lijkt mij echter niet een boek dat zich buiten de door Dooyeweerd verfoeide scholastische traditie van Bavinck en Kuyper plaatst. Mijn inschatting is dat Schilder's werk frontaal botst op Dooyeweerd's speculatieve theorie. En die inschatting lijkt op het eerste gezicht juist, als we M.J. Schuurman's bevindingen mogen geloven, die schrijft:
"Schilder heeft veel kritiek gekregen op zijn scholastieke manier van denken. Men heeft hem rationalisme verweten"
In Ds. Visee's resoluut afwijzen van het zogenaamde 'anthropomorfe' spreken van God zien we lijnen uit Schilder's en Janse's denk- en schrijfwerk bijelkaar komen, zo schrijft  H. Amelink bijvoorbeeld:
"Een zaak die geleerd werd (en wordt) door de meeste van de gereformeerde dogmatici. Om van anderen nu maar te zwijgen. Men bedoelt daarmee te zeggen dat als God spreekt Hij dat doet op mensvormige wijze. Anders zouden wij het niet begrijpen. Visee citeert H. Bavinck die zegt: "Als God tot ons spreekt op goddelijke wijze, geen schepsel zou Hem verstaan." Alsof God op een andere manier zou kunnen spreken dan op Goddelijke wijze. En alsof nu juist niet daarin ons behoud is gelegen dat God God is en tóch tot ons spreekt.
Wellicht is het 'probleem' het duidelijkst aan wat men zegt over het ook nu nog wel veel besproken berouw Gods, of over de haat Gods. De aanhangers van dat anthropomorfe spreken menen dat er eigenlijk van berouw bij God geen sprake kan zijn. In de Korte Verklaring staat te lezen bij Genesis 6: 5,6 dat er bij God 'van berouw zelf geen sprake kan zijn'. Men zegt dit omdat men meent dat echt berouw bij God in strijd zou komen met wat de Schrift leert over de onveranderlijkheid Gods. Visee nu toont duidelijk aan dat we in deze mening te maken hebben met een wat hij noemt dogmaticaal en wijsgerig vooroordeel. Ja hij komt tot het scherpe, maar wel juiste oordeel dat heel dit probleem van paganistische (heidense) oorsprong is."
Ds. Henk Smit, heeft in zijn doctoraalscriptie de argumentatie van Visee en anderen doorgelicht. A. Janse's naame is onlosmakelijk met deze discussie verbonden.

Henk de Jong schrijft over de relatie tussen Klaas Schilder en Dooyeweerd's Wijsbegeerte der Wetsidee:
"Veenhof opereerde ook theologisch weer tussen de fronten: hij pendelde bijvoorbeeld tussen Schilder en de Wijsbegeerte der Wetsidee heen en weer"
Een waardevolle constatering. Daar zit namelijk een enorm spanningsveld.

No comments: