Wednesday, April 22, 2009

Nederland misbruikt haar recht om eigen burgers te discrimineren

Wim van de Camp, lijsttrekker van het CDA bij de Europese verkiezingen, zei een aantal maanden geleden in een debat over de zogenaamde België-route: "De strekking van de regeling is veel te ruimhartig. Het kan niet zo zijn dat de Nederlandse eisen voor gezinshereniging- en vorming worden omzeild. Er gebeurt al jarenlang niets, daar ben ik best pissig over.”

Daarmee sloot hij zich aan bij het standpunt van PVV, VVD en SP dat de België-route misbruik is van vrij verkeer. Die leugen had een journalist van de Telegraaf rondgestrooid in een artikel. Een krant die niet schroomt om haar lezers onkundig te laten om maar te kunnen blijven inspelen op onderbuikgevoelens tegen migranten.

De jurisprudentie van het Hof in Luxemburg is echter de reden dat ook Nederlanders met een buitenlandse partner die gebruik maken of hebben gemaakt van hun recht op vrij verkeer vallen onder de gunstiger regels die de EU hanteert voor het recht op gezinsleven. De motieven van de migrerende EU-burger en zijn familie-leden zijn daarbij irrelevant.

Het recht op gezinsleven wordt in het kader van de EU-jurisprudentie als fundamenteel recht gezien. Dit aspect speelt tot nu toe geen enkele rol in de discussie zoals deze in Nederland op het punt van gezinshereniging gevoerd wordt. Dit fundamentel recht zorgt er echter voor dat het Nederlandse beleid rond gezinshereniging op drijfzand gebouwd is.

De België-route is het bewijs dat lidstaten hun bevoegdheid misbruiken om hun eigen onderdanen te discrimineren ten opzichte van diegenen die gebruik maken of gemaakt hebben van het recht op vrij verkeer. Elke burger van Nederland die zijn recht moet halen door naar een andere lidstaat te verhuizen is in deze context een aanklacht tegen het "recht" zoals dat steeds door de Nederlandse politiek en het Nederlandse justitiële apparaat met hand en tand verdedigd wordt. Een "recht" dat slechts gebaseerd is op een "gemeen gevoelen" en "consensus" onder de regerende elite in Nederland.

Het is opmerkelijk dat Wim van de Camp nu als lijsttrekker deelneemt aan de verkiezingen voor het Europese parlement, terwijl hij kort geleden nog zo duidelijk blijk gaf geen boodschap te hebben aan fundamentele rechten van EU-burgers zoals deze in wetgeving en jurisprudentie zijn vastgelegd.

Het Burgerschap van de Europese Unie is volop in ontwikkeling en het fundamentele recht op gezinsleven is, naast de politieke participatie van migrerende werknemers, één van de meest centrale elementen daarin. Politieke partijen in Nederland hebben de taak om tijdens verkiezingen duidelijkheid te verschaffen hoe zij denken de burgers te helpen bij de invulling van hun burgerschap ook in de EU. Maar helaas, als variatie op Arend Jan Boekestijn: "het blijft angstig stil"

No comments: