Wednesday, February 27, 2008

PvdA wil meer moslims in partij

DEN HAAG - Het partijbestuur van de PvdA hoopt aan het einde van dit jaar een nieuwe interreligieuze werkgroep te hebben. De partij wil een nieuwe 'doorbraak' bewerkstelligen, maar vooral ook meer moslims bij de partij betrekken. De nieuwe werkgemeenschap is de concrete uitwerking van een motie die op het PvdA-congres begin oktober 2007 is aangenomen door de leden.

Het partijbestuur werd gevraagd een nieuw gezicht te geven aan de PvdA als 'pluralistische partij in het maatschappelijk debat'. Belangrijkste punt daarbij was het vergroten van de invloed van moslims binnen de partij.

Het partijbestuur overlegt nu over een nieuw te vormen werkgroep samen met onder andere het 'Trefpunt van Socialisme en Levensovertuiging' in de PvdA. Dat is een werkgemeenschap die al sinds 1969 bestaat en die het partijbestuur adviseert over politiek en levensovertuiging.

Ondervertegenwoordigd
Volgens Kees Waagmeester, secretaris van het Trefpunt, zijn moslims op dit moment ondervertegenwoordigd in de partij én in het Trefpunt. ,,Het Trefpunt bestaat voornamelijk uit christenen - protestants en katholiek - maar ook uit humanisten en hindoes.''

De voorzitter van het Trefpunt, Herman Noordegraaf, pleitte twee jaar geleden al voor een aparte werkgemeenschap voor moslims. De PvdA geeft echter de voorkeur aan één gezamenlijke werkgemeenschap. Waagmeester: ,,Zij wil geen aparte groepjes per geloof.''

Op dit moment heeft de partij echter wel een tweede religieuze werkgemeenschap, de christelijke, oecumenische 'Banning Werkgemeenschap'. Deze werkgroep is net als het wetenschappelijk bureau van de PvdA betrokken bij de vorming van de nieuwe interreligieuze werkgroep.

Waagmeester sprak gisteren de verwachting uit dat het Trefpunt de grootste rol zal gaan spelen in de nieuw te vormen werkgroep. ,,Het partijbestuur weet dat ze deze taak bij ons in goede handen achterlaat. Het Trefpunt functioneert momenteel prima. Kijk bijvoorbeeld naar ons standpunt over de financiering van het godsdienstonderwijs. Daarvoor hebben wij flink geduwd bij de Kamerleden.''

Volgens Kee sWaagmeester bewijst het huidige 'christelijke kabinet' dat religie en socialisme prima kunnen samengaan. Binnen de PvdA moet dat ook kunnen. Vicepremier Bos sprak in 2006 al over een 'nieuwe doorbraak', waarin mensen die verschillende levensovertuigingen hebben, binnen de PvdA tot één politieke overtuiging kunnen komen.

In 1946 beleefde de partij haar eerste 'doorbraak' met de 'rooie dominee' Willem Banning. Toen erkende de PvdA voor het eerst dat voor haar gelovige leden religie van wezenlijk belang is, óók in het streven als partij.

Gewetensbezwaren
Voor de meer orthodoxe christenen en moslims blijft een keuze voor de PvdA echter minder logisch. Zij stuiten op gewetensbezwaren bij partijstandpunten over zaken als euthanasie, het gokbeleid en prostitutie.

Volgens Waagmeester speelt dat bij moslims echter in mindere mate dan bij christenen. ,,In Marokko bestaat bijvoorbeeld een veel striktere scheiding tussen islam en politiek. Ik ken verschillende oudere moslims die hun orthodoxe opvatting niet laten meespelen in hun politieke keuze.'' Interreligieuze werkgroep moet voor doorbraak zorgen

Tuesday, February 26, 2008

Migranten als ambassadeurs voor democratische ontwikkeling

Politieke instituties in Nederland hebben een uitgesproken statelijk karakter. Het Nederlandse parlement vertegenwoordigt het Nederlandse volk op het Nederlandse grondgebied. Maar hoe scherp zijn deze grenzen tegenwoordig nog? Er is onder burgers een spontane internationalisering gaande: mensen reizen, handelen, vergaderen, communiceren over grenzen heen en hebben belangen en netwerken in verscheidene landen(1). Dat geldt evenzeer voor burgers in ontwikkelingslanden. Mede dankzij migratie zijn burgers in ontwikkelingslanden steeds beter bekend met democratische idealen. Ook zij eisen nu een stem in politiek en bestuur, zelfs als economische omstandigheden voor bestendige democratie verre van gunstig zijn.(2)

Het wordt steeds moeilijker de rol die migranten in ontwikkelingssamenwerking spelen te negeren. Migranten blijken een positieve bijdrage te leveren aan zowel economische, sociale als technologische ontwikkeling. Daarom wordt er op allerlei niveau’s, zowel regionaal als internationaal, gewerkt aan het formuleren van coherent beleid om dit potentieel zo goed mogelijk te kunnen benutten(3). In het licht hiervan zou er ook een positieve rol weggelegd kunnen zijn voor migranten bij het ondersteunen en bevorderen van democratie in ontwikkelingslanden.

Het belang dat gehecht wordt aan democratisering binnen internationale samenwerking is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Democratisering en ontwikkeling worden gezien als twee kanten van dezelfde medaille. Het verbinden van democratisering, ontwikkeling en veiligheid vormt de nieuwe uitdaging van onze tijd(4). Het rapport “Dynamiek in Islamitisch Activisme” van de WRR illustreert dat. Er bestaat een sterke relatie tussen democratisering en de strijd tegen het internationale terrorisme. Het is mede daarom van eminent belang migranten en migrantenorganisaties uit ontwikkelingslanden te betrekken bij democratisering.

De participatie van migranten uit ontwikkelingslanden in de Nederlandse politiek blijft echter bedroevend laag. Dat blijkt zowel uit het aantal migranten dat kandidaat staat bij lokale verkiezingen, alsook het lage opkomstpercentage onder deze groep(5). Dat blijkt eveneens uit het aantal migranten dat lid is van een politieke partij. Het is dan ook hoog tijd dat politieke partijen serieus werk maken van het betrekken van migranten binnen hun organisaties. Het zou daarom goed zijn wanneer de regering politieke partijen zou uitnodigen om samen met migrantenorganisaties initiatieven te ontwikkelen die tot doel hebben participatie binnen de Nederlandse politiek te bevorderen.

De Derde Kamer vraagt de Regering:

- te onderzoeken hoe migranten en migrantenorganisaties in Nederland democratiseringsprocessen in hun landen van herkomst kunnen ondersteunen.

- de participatie van migranten binnen de Nederlandse meerpartijendemocratie te bevorderen via een stimuleringsfonds

Aansluitend bij de doelstelling van De Derde Kamer zouden migranten op deze manier de stem van ontwikkelingslanden in de Nederlandse politiek kunnen laten doorklinken. Zo sluit het beleid aan bij de endogene dynamiek onder migranten. Bovendien zouden deze initiatieven een belangrijke aanvulling zijn op het actieprogramma van de regering om vooral jongeren weerbaarder te maken tegen radicalisering.(6)

1)Roel Kuiper, Dienstbare Overheid (Amsterdam, 2003), 103
2)WRR, Dynamiek in islamitisch activisme [Electronische versie](Amsterdam, 2006), 167,
gedownload op 22 maart 2007 van
http://www.kiemnet.nl/kiem/dossiers/Integratie/Religieencultuur/Radicalisering/WRR-rapport-islam_1009.html
3)Migrants as Agents for Development,
gevonden op 22 maart op http://www.migrationdevelopment.org/index.php?id=home
4)NIMD, Support for Political Parties and Party Systems: The NIMD Approach[Electronische versie]
(Den Haag, 2005), 4 , gedownload op 22 maart 2007 van http://www.nimd.org/default.aspx?menuid=17&type=publicationlist&contentid=&archive=1
5)IPP, Meer diversiteit in de gemeenteraden[Electronische versie] (Amsterdam, 2006),
gedownload op 22 maart 2007 van http://www.publiek-politiek.nl/bestanden/diversiteit_gemeenteraden_2006
6)Regering.nl, Actieprogramma ter voorkoming van radicalisering (juli 2005), gevonden op 22 maart op
http://www.regering.nl/actueel/nieuwsarchief/2005/07July/01/weerbaarheid.jsp

Monday, February 25, 2008

cosmetische politiek

Hirsch Ballin wil af van term allochtoon lees ik in de krant. Deze losse flodder is het zoveelste voorbeeld waarbij het CDA probeert om zich cosmetisch te distantiëren van Wilders e.a.

Want laten we eens puur objectief kijken wat het ons gaat opleveren als de term "allochtoon" afgeschaft wordt. Helemaal 0,0. Het is een typisch "autochtonen voorstel". Allochtonen hebben helemaal niets met deze discussie. Voor wetgeving heeft dit 0,0 betekenis. En als het dat wel zou hebben, hoor ik het graag.

Het is een manier voor een bepaald segment van het electoraat om haar geweten te sussen. En dat is geen goed nieuws voor allochtonen. Want zoals ik hierboven al aangeef, het levert voor allochtonen helemaal niets op.

Tuesday, February 19, 2008

Christelijke migranten: ongezien, zeer aanwezigdoor

Hieronder een artikel van een kamerlid van het CDA. De vraag die aan het einde van dit stuk rijst is natuulijk wat deze mooie woorden in de praktijk betekenen.


ds. Jan D.W. Eerbeek en drs. Kathleen G.


Ferrier Wie het over allochtonen heeft, denkt vaak in de eerste plaats aan moslims. Daarmee gaat men geheel voorbij aan het feit dat er in Nederland momenteel zeker 800.000 migrantenchristenen wonen, afkomstig uit alle delen van de wereld. Over hen wordt zelden bericht. Terwijl ook deze christelijke migranten bij het vinden van hun weg hier in Nederland geconfronteerd worden met vergelijkbare problemen als migranten van islamitische afkomst. Daarbij komt dat steeds meer duidelijk wordt dat juist deze migrantengemeenschappen een belangrijke rol spelen als het gaat om samenhang in de samenleving en waarden waarnaar we allemaal op zoek lijken te zijn. Daarbij komt dat steeds meer duidelijk wordt dat juist deze migrantengemeenschappen een belangrijke rol spelen als het gaat om samenhang in de samenleving en waarden waarnaar we allemaal op zoek lijken te zijn.

Een van de mensen die zich een leven lang voor deze waarden en voor de christen migranten hebben ingezet, is ds. Rudy Polanen. Op 21 januari overleed hij onverwachts. Vandaag wordt hij begraven. De mensen die hem gekend hebben, laat hij een grote verantwoordelijkheid na: met respect voor anderen en trots op het eigene benadrukken wat ons, als Nederlanders, met elkaar bindt. Het is tijd voor meer aandacht, óók vanuit de politiek, voor de vitale rol van christelijke migrantengemeenschappen.

Verschuiving
Het christendom schuift op naar elders. Een fenomeen dat inmiddels alom erkend wordt. Terwijl over de hele wereld het christendom groeit, loopt het in West-Europa terug. Althans, dat lijkt zo. Wie op een willekeurige zondag door Amsterdam-Zuid-Oost, over de Rotterdamse Kruiskade, de Haagse schilderswijk, maar ook door plaatsen in Friesland of Limburg loopt, zal merken dat het evangelie vooral in andere talen dan het Nederlands verkondigd wordt. Het gaat hierbij niet alleen om een individuele beleving van het christelijk geloof, maar veel breder, om een maatschappelijke inzet vanuit een geloofsovertuiging. De Haagse migrantenkerken deden onderzoek naar hun maatschappelijke inzet en kwamen in het rapport Gratis en van Waarde tot de conclusie dat hun inzet de gemeente jaarlijks minstens 17,5 miljoen euro bespaart. Daarmee zijn christelijke migrantengemeenschappen vitale organisaties.

Bij velen is niet bekend dat er in ons land zoveel christenmigranten zijn en de betekenis van deze groep wordt sterk onderschat. Vanuit die gemeenschappen is er een grote inzet om ervoor te zorgen dat de leden kunnen participeren in de Nederlandse samenleving. Daarom worden er vanuit de kerken taalcursussen georganiseerd, wordt aan huiswerkbegeleiding gedaan, wordt er kinderopvang geboden omdat men komt uit culturen waar het volstrekt normaal is dat mannen én vrouwen buitenshuis werken. Mantelzorg en vrijwilligerswerk zijn vanzelfsprekend. Maar ook is er inmiddels veel expertise opgebouwd over de negatieve kanten van de globalisering, zoals mensenhandel en alle mensonterende aspecten daarvan.

Politie, justitie en maatschappelijke organisaties weten in voorkomende gevallen heel goed de weg naar deze expertise te vinden. Er is waardering voor en leiders van migrantenkerken ontvingen al verschillende prijzen, zoals de Marga Klompéprijs. Deze prijs is bedoeld om jonge mensen aan te moedigen gerechtigheid, vrede en emancipatie te bevorderen van achtergebleven groepen in de samenleving. In 2007 werd een onderzoek van de Vrije Universiteit, 'Kerk in Mokum' bekroond. Dit onderzoek naar de maatschappelijke betekenis van migrantenkerken laat zien hoe het behoren tot een geloofsgemeenschap ('sense of belonging') bijdraagt tot participatie in de samenleving als geheel.

Een van de eersten die het belang zag van migrantenkerken en de noodzaak de krachten te bundelen, was ds. Polanen. Als voorganger van de Evangelische Broedergemeente kende hij als geen ander de problemen waar christelijke migrantengemeenschappen tegenaan lopen in de Nederlandse samenleving, zoals het vinden van geschikte samenkomstruimten en visaproblematiek van voorgangers. Hij was een van de oprichters van SKIN, een voortrekker en boegbeeld van migrantenchristenen in Nederland. Ook zag hij scherp het belang van de bijdrage van migrantengemeenschappen en wist hij dit als geen ander te verwoorden.

Politiek
Zijn, vaak kritische, opmerkingen werden ook in de politiek goed gehoord. Afgelopen 25 november, de dag dat de onafhankelijkheid van Suriname herdacht wordt, was minister-president Balkenende aanwezig tijdens de dienst van de Evangelische Broedergemeente waarin dominee Polanen voorging. De minister-president benadrukte tijdens die dienst het maatschappelijk belang van migrantenkerken, ook waar het gaat om inburgeringsprocessen of het voorleven van waarden en normen.

Het is goed dat er vanuit de politiek meer aandacht komt voor deze maatschappelijke rol van migrantenkerken. Een van de problemen waar de Nederlandse politiek mee kampt, is een grote verlegenheid met betrekking tot de rol die religie speelt in onze samenleving anno 2008. Of we dat nu leuk vinden of niet, of we nu zelf gelovig zijn of niet, het is op zijn minst een eerste stap om te erkennen dat religie een belangrijk deel van de oplossing kan zijn voor de oplopende spanningen die gerelateerd zijn aan het multiculturele en multireligieuze karakter van onze samenleving. In hun geloofsgemeenschappen worden de mensen toegerust tot participatie in de Nederlandse samenleving.

Het is jammer dat in het debat over de rol van religie de vitale rol van christelijke migrantengemeenschappen ongezien blijft. Leden van deze gemeenschappen en hun organisaties moeten veel sterker in het publieke debat worden betrokken. Het meer betrekken van de ervaring en visie van migrantenchristenen, vaak oorspronkelijk afkomstig uit multireligieuze samenlevingen, zou wel eens voor verrassende inzichten kunnen zorgen. Voor de grootste partij die religie als uitgangspunt heeft, het CDA, ligt hier een grote uitdaging om de grote betekenis van deze kerken meer zichtbaar te maken in de politiek en in het publieke debat.

Jan D.W. Eerbeek is hoofdjustitiepredikant, drs. Kathleen G. Ferrier is Tweede Kamerlid voor het CDA.

« Pour une citoyenneté participative effective des MRE

Een interessante conferentie waar de Nederlandse politiek bij aanwezig had moeten zijn.

man overleden op bajesboot, ons een zorg

Op de bajesboot in Rotterdam is een illegaal overleden omdat hem geen adequate medische hulp geboden wordt. Wat een schande. De manier waarop illegalen in Nederland dankzij het normen en waarden beleid behandeld worden is diep treurig.

Monday, February 18, 2008

allochtonen moeheid

De opgewarmde prak van Afshin Elian wordt weer opgewarmd opgediend. Wat mij vooral tegen de borst stuit is de annexatie van het begrip "rechtse politiek". Dat nugrabteb dankbaar zouden moeten zijn vind ik ook zo'n nutteloos begrip. Een begrip dat bovendien helemaal geen aanknopingspunten voor democratisering in zich draagt. En dat vind ik nog het meest schrijnend. Als Elian nou eens een alternatief aandraagt, maar nee. Maar uiteindelijk gaat het bij Elian eigenlijk alleen maar om Iran. En in die zin vind ik het natuurlijk interessant dat hij zijn mening verkondigt. Laten meer iraniers dat doen zou ik zeggen. Het is duidelijk dat als Elian over moslims in Nederland spreekt hij eigenlijk over moslims in Iran spreekt, en dat is identiek voor veel migranten. Ze zien hun participatie in Nederland als een verlengstuk van hun participatie in het land van oorpsrong. Dat lijkt me nog de meest interessante les van Elian. En dat maakt tegelijk duidelijk dat het Islam debat eigenlijk maar een klein onderdeel is van de nieuwe wereld van migratie en ontwikkeling.

Sunday, February 17, 2008

politieke participatie migranten

Politieke instituties in Nederland hebben een uitgesproken statelijk karakter. Het Nederlandse parlement vertegenwoordigt het Nederlandse volk op het Nederlandse grondgebied. Maar hoe scherp zijn deze grenzen tegenwoordig nog? Er is onder burgers een spontane internationalisering gaande: mensen reizen, handelen, vergaderen, communiceren over grenzen heen en hebben belangen en netwerken in verscheidene landen(1). Dat geldt evenzeer voor burgers in ontwikkelingslanden. Mede dankzij migratie zijn burgers in ontwikkelingslanden steeds beter bekend met democratische idealen. Ook zij eisen nu een stem in politiek en bestuur, zelfs als economische omstandigheden voor bestendige democratie verre van gunstig zijn.(2)

Het wordt steeds moeilijker de rol die migranten in ontwikkelingssamenwerking spelen te negeren. Migranten blijken een positieve bijdrage te leveren aan zowel economische, sociale als technologische ontwikkeling. Daarom wordt er op allerlei niveau’s, zowel regionaal als internationaal, gewerkt aan het formuleren van coherent beleid om dit potentieel zo goed mogelijk te kunnen benutten(3). In het licht hiervan zou er ook een positieve rol weggelegd kunnen zijn voor migranten bij het ondersteunen en bevorderen van democratie in ontwikkelingslanden.

Het belang dat gehecht wordt aan democratisering binnen internationale samenwerking is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Democratisering en ontwikkeling worden gezien als twee kanten van dezelfde medaille. Het verbinden van democratisering, ontwikkeling en veiligheid vormt de nieuwe uitdaging van onze tijd(4). Het rapport “Dynamiek in Islamitisch Activisme” van de WRR illustreert dat. Er bestaat een sterke relatie tussen democratisering en de strijd tegen het internationale terrorisme. Het is mede daarom van eminent belang migranten en migrantenorganisaties uit ontwikkelingslanden te betrekken bij democratisering.

De participatie van migranten uit ontwikkelingslanden in de Nederlandse politiek blijft echter bedroevend laag. Dat blijkt zowel uit het aantal migranten dat kandidaat staat bij lokale verkiezingen, alsook het lage opkomstpercentage onder deze groep(5). Dat blijkt eveneens uit het aantal migranten dat lid is van een politieke partij. Het is dan ook hoog tijd dat politieke partijen serieus werk maken van het betrekken van migranten binnen hun organisaties. Het zou daarom goed zijn wanneer de regering politieke partijen zou uitnodigen om samen met migrantenorganisaties initiatieven te ontwikkelen die tot doel hebben participatie binnen de Nederlandse politiek te bevorderen.

De Derde Kamer vraagt de Regering:

- te onderzoeken hoe migranten en migrantenorganisaties in Nederland democratiseringsprocessen in hun landen van herkomst kunnen ondersteunen.

- de participatie van migranten binnen de Nederlandse meerpartijendemocratie te bevorderen via een stimuleringsfonds

Aansluitend bij de doelstelling van De Derde Kamer zouden migranten op deze manier de stem van ontwikkelingslanden in de Nederlandse politiek kunnen laten doorklinken. Zo sluit het beleid aan bij de endogene dynamiek onder migranten. Bovendien zouden deze initiatieven een belangrijke aanvulling zijn op het actieprogramma van de regering om vooral jongeren weerbaarder te maken tegen radicalisering.(6)

1)Roel Kuiper, Dienstbare Overheid (Amsterdam, 2003), 103
2)WRR, Dynamiek in islamitisch activisme [Electronische versie](Amsterdam, 2006), 167,
gedownload op 22 maart 2007 van
http://www.kiemnet.nl/kiem/dossiers/Integratie/Religieencultuur/Radicalisering/WRR-rapport-islam_1009.html
3)Migrants as Agents for Development,
gevonden op 22 maart op http://www.migrationdevelopment.org/index.php?id=home
4)NIMD, Support for Political Parties and Party Systems: The NIMD Approach[Electronische versie]
(Den Haag, 2005), 4 , gedownload op 22 maart 2007 van http://www.nimd.org/default.aspx?menuid=17&type=publicationlist&contentid=&archive=1
5)IPP, Meer diversiteit in de gemeenteraden[Electronische versie] (Amsterdam, 2006),
gedownload op 22 maart 2007 van http://www.publiek-politiek.nl/bestanden/diversiteit_gemeenteraden_2006
6)Regering.nl, Actieprogramma ter voorkoming van radicalisering (juli 2005), gevonden op 22 maart op
http://www.regering.nl/actueel/nieuwsarchief/2005/07July/01/weerbaarheid.jsp

Friday, February 15, 2008

Kathleen Ferrier

CDA-V en ZMV-Vrouwen
Volgens de folder van de ZMV-groep van het CDA (CDA Multicultureel geheten) wordt de term ZMV bekend verondersteld. Wel wordt er verwezen naar transnationaliteit en multiculturaliteit, zoals uitgedragen door enkele bij naam genoemde vrouwen. Het huidig Kamerlid Kathleen Ferrier is een van hen. De folder is een tastbaar symbool van de ZMV-ideologie. Er wordt mee uitgedrukt dat je politiek actief kunt worden als allochtone vrouw in een partij die je die identiteit serieus neemt. De folder is gemaakt op initiatief van het CDA-Vrouwenberaad, de organisatie die ook verantwoordelijk is voor de oprichting van de aan het Vrouwenberaad gelieerde ZMV-groep. Volgens de verantwoordelijke medewerker van het partijbureau zagen de autochtone CDA-vrouwen in de allochtone vrouwen hun verleden als achtergestelde en aan huis gebonden echtgenotes terug: ‘Daar legden we een behoorlijke link mee.’ Nu autochtone vrouwen inmiddels in staat waren op eigen kracht zich een positie te verwerven, kon de aandacht uitgaan naar allochtone vrouwen die nog niet zo ver waren en die evenmin aan bod kwamen in het Intercultureel Beraad:

Het CDA V heeft zich verplaatst in de verhouding mannen vrouwen. En bij mensen met een allochtone achtergrond is het verschil mannen vrouwen groter dan in de westerse samenleving. Die vrouwen moeten extra ondersteund worden om binnen te komen bij die politiek, en hun kwaliteiten aan het licht te brengen.

In 2000, dus later dan de MEV van de PvdA, kwam de ZMV-groep na vier jaar sluimerend bestaan in actie. Het stelde dat,

de verankering van de zmv vrouw in vertegenwoordigende functies nihil is te noemen met name bij het CDA. Het is daarom ook moeilijk zmv vrouwen lid te maken van het CDA. De voorbeeldfunctie ontbreekt, de herkenbaarheid naar de achterban ontbreekt.

Om de ban te doorbreken deed de ZMV-groep verschillende voorstellen. Het organiseerde ‘netwerkbijeenkomsten’ waarbij fractievoorzitters De Hoop Scheffer en later Balkenende acte de présence gaven en waarvan ik er enkele heb bijgewoond. Het regelde een duo-raadslidmaatschap waarin het aspect van scholing terugkeerde. Tot slot positioneerde het Kathleen Ferrier hoog op de kandidatenlijst voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2002. Ferrier werd actief lid van de CDA via de ZMV-groep. Zij was daar ‘een gewilde en geziene gast’. Opmerkelijk is dat Ferrier voor de verkiezingen van 2002 hoger op de kandidatenlijst werd gezet dan Cörüz die reeds in de Tweede Kamer zat. Behalve vrouw en allochtoon is Ferrier ook christen, een in het CDA belangrijke identiteit en een die Cörüz als moslim ontbeert (vgl. Ensel 2001).

Kosten generaal pardon

Er wordt regelmatig in kranten geschreven over kosten van het generaal pardon. Dan wordt er gesproken over uitkeringen. Alsof asielzoekers niet werken of niet kunnen werken. Asielzoekers zijn vaak hoog opgeleid. Als ze geen kans krijgen op de arbeidsmarkt in Nederland is dat zeker niet alleen hun eigen schuld. Er zijn genoeg voormalige asielzoekers die van plan zijn te gaan werken als ze hun papieren krijgen. Dat een asielzoeker voor de Nederlandse belastingbetaler iets oplevert wordt nooit gezegd. En mijn bloed gaat er van koken.

Ik heb vrienden die in de procedure gezeten hebben en ik weet hoe sommige dames uit Afrika hard werken in de zorg en desondanks gediscrmineerd worden door autochtone dames. Ze krijgen geen kans en worden als dom beschouwd alleen omdat ze niet perfect Nederlands spreken. Of als ze stage lopen worden ze na een aantal maanden met een onvoldoende naar huis gestuurd, terwijl de verzorgingshuizen eerst maanden van ze geprofiteerd hebben. Alleen omdat men niet het juiste papier heeft wordt er vaak op ze neergekeken. Terwijl ze in Afrika vaak al enorme projecten geleid hebben en vloeiend frans, engels, portugees en verschillende afrikaanse talen spreken. Soms denk ik dat het gewoon jaloezie is. Men gunt een ander het licht niet in de ogen. En dan zaniken sommigen van de nederlandse dames of culturele aanpassing problemen en al dat soort flauwe kul. Leer eerst eens in te zien dat het vrij achterlijk is dat je niet kan inzien dat een Afrikaanse dame van nu vaak meer van de wereld, meer ontwikkeld en ook nog beschaafder is dan de gemiddeld trien die in een bejaardenhuis werkt. En dan nog eens, ik denk dat het vaak jaloezie is dat men de afrikaanse dames op de werkvloer voortdurend kleineerd. En voor buitenlandse mannen geldt vaak hetzelfde.

Tuesday, February 12, 2008

islamofobie

Vandaag kwam een rapport naar buiten van de de Europese Commissie tegen Racisme en Intolerantie (ECRI).

Deze onafhankelijke instantie is opgericht door de Raad van Europa en volgt de ontwikkelingen in de 47 lidstaten van dat orgaan in de sfeer van de mensenrechten. Zij verstrekt voor de derde maal een overzicht van de stand van zaken in Nederland. De vorige keer deed zij dat in 2000.

e ECRI maakt ook gewag van een „significante toename” van islamofobie, „zowel in de politiek als daarbuiten.” Met name de Marokkaanse en de Turkse gemeenschap zijn daar slachtoffer van.

De afkeer jegens moslims zou sinds 2000 dramatisch zijn gestegen, stelt de ECRI. Spanningen zouden zijn gevoed door nationale en internationale gebeurtenissen zoals de radicaalislamitische aanslagen van 11 september 2001 op de Verenigde Staten en de aanslag op Theo van Gogh in 2004.

Volgens de ECRI heeft de moslimminderheid steeds vaker te maken met racistisch geweld en discriminatie. Ook zou de groep „buitenproportioneel” het doelwit zijn van veiligheidsmaatregelen. De commissie spreekt van een verontrustende polarisatie tussen de meerderheid en minderheden.

De Amerikaanse presidents kandidaat Mike Huckabee liet zijn licht hier ook al over schijnen in zijn speech "paths and priorities in the war on terror"

Extract from this speech “Paths and Priorities in the War on Terror,” at a foreign policy forum hosted by the Center for Strategic and International Studies (CSIS) in Washington, D.C. september 28.

"It is also difficult for us, with our culture of assimilation, to understand that life for European Muslims is different from life for American Muslims. Muslims in Britain or the Netherlands or Germany are second-class citizens because those countries have more homogenous populations that don’t readily integrate outsiders. Instead of melting pots, Europe has separate pots boiling over with alienation and despair. In some countries, like France, it is more a lack of economic integration, while in others, like Britain, it is more a lack of cultural integration, but whatever the reason, Europe is a much more fertile breeding ground for terror than the United States. Unintentionally, some of our closest allies are producing some of our clearest threats. Because of our special relationship with Britain and all our similarities with them, most Americans don’t realize that it is very different to be a Muslim citizen of Britain than a Muslim citizen of the United States, so we have trouble accepting that doctors in Britain become terrorists. We have to understand that while educated Muslims in Europe may not be materially deprived, many of them feel socially and emotionally deprived by a lack of acceptance. Earlier this month we saw the arrest of German citizens plotting a terror attack against American targets there. Also this month we saw Danish citizens arrested for plotting an imminent bombing. Both plots had links to Al Qaeda. "